De overeenkomst met een rusthuis kan worden beëindigd door opzeg door de bewoner en in uitzonderlijke gevallen door het rusthuis of door het overlijden van de bewoner.
Opzeg
- door de bewoner of de gevolmachtigde
Een opzegtermijn van maximum 30 dagen moet nageleefd worden.
In de schriftelijke overeenkomst moet vermeld staan hoe de opzeg moet gegeven worden.
De opzegtermijn gaat in vanaf de eerste dag volgend op de betekening van de opzeg volgens de bepalingen van de schriftelijke overeenkomst.
De bewoner of de gevolmachtigde hoeft geen reden op te geven waarom hij/zij het serviceflatcomplex verlaat.
- door het serviceflatcomplex
In de schriftelijke overeenkomst moet de opzeggingstermijn en –vergoeding (maximum 30 maal de dagprijs) vermeld staan.
Wanneer een geneesheer oordeelt dat het aangewezen is de bewoner gezien zijn lichamelijke of geestelijke gezondheidstoestand definitief over te plaatsen naar een passende instelling, moet het serviceflatcomplex er zich toe verbinden te zorgen voor een passend verblijf en dit in overleg met de bewoner (en zijn
vertegenwoordiger).
De opzegtermijn zal indien nodig zo lang verlengd worden.
Overlijden
Het overlijden van de bewoner stelt een einde aan zijn/haar verblijf.
In verband met de verder aan te rekenen kosten moet in de overeenkomsten een aparte regeling bepaald worden.