Het ziekenfonds betaalt ± 75% terug van de prijs van de geneeskundige verstrekkingen.
Voor de personen die recht hebben op het voorkeurtarief betaalt het ziekenfonds ± 90% terug (met uitzondering van de raadpleging van specialisten waarvoor de tegemoetkoming 85% bedraagt).
Soms gebruikt men in plaats van verhoogde tegemoetkoming een andere benaming. Die benaming verwijst dan naar de personen die het recht krijgen.
Zoals WIGW-tarief dat verwijst naar weduwen, invaliden, gehandicapten en wezen of Omnio dat verwijst naar de rechthebbenden op Omnio. Ook de Omnio is immers niet meer of minder dan dan de verhoogde tegemoetkoming.